De vrouw achter Petra Tenbült

Door Ruben Teunissen en Eveline Begijn

Afgelopen week werd Petra Tenbült geïnterviewd in het kader ‘Wie is de vrouw achter de docent’. Een interessant interview met een vrouw die veel studiereizen bijgewoond heeft, zichzelf een sociaal beestje noemt en bovendien een grap uithaalde met Asset Marketing. Het werd dan ook tijd om een aantal vragen op haar af te vuren! Deze week deel 1.

Volledige naam: Petronella, Maria, Aloysia, Tenbült
Roepnaam: Petra
Leeftijd: 33
Werkzaam aan: Universiteit van Tilburg
Departement: Marketing

Wat is uw huidige woonplaats?
Eersel. “Waar ligt dat?”  Dat ligt bij Veldhoven/Eindhoven.  Henk Roest en  Millie Elsen komen hier ook vandaan, we gaan nog net niet carpoolen, haha. Dat is puur toeval. “Bent u hier ook geboren?”  Nee, twee dorpjes verderop, in Hoogeloon. Echt een piepklein dorpje.

Bent u getrouwd of heeft u een vriend?
Ik heb sinds kort verkering! (glundert) Ik ben een beetje laat met alles denk ik, maar dat vind ik zelf ook helemaal niet erg hoor.

Heeft u kinderen?
Nee, maar mijn vriend heeft wel een dochter!  Ze is nog net geen twee jaar oud. Ik heb ze nog niet ontmoet, maar dat gaat binnenkort wel gebeuren. “Die krijg je er dus gratis bij” Ja, in eerste instantie gaat het natuurlijk om de kerel. Maar ik vind het ook helemaal niet erg, toch zeker omdat ze nog heel erg klein is. Eigenlijk is het wel leuk, het levert zeker geen problemen op.

 

Wat voor auto rijdt u?
Een blauwe! “Welk merk?”  Volkswagen Golf.  Ik kan gewoon niet zonder auto en mijn vorige auto was een Peugeot’tje. Die is ‘dood gegaan’, net voordat we naar Dubai zouden gaan met de studiereis van TIME. Toen ik terug kwam, een vriend van mij die heeft een garage, had hij een andere auto voor mij geregeld. De auto is gewoon goed en betrouwbaar dus rijd ik even dit. Over een half jaartje ga ik op mijn gemak eens rondkijken voor een andere.

Je bent dus mee geweest met TIME 2010. Wat vond u daarvan?
Erg leuk! Zoiets is altijd leuk. “Heeft u ook nog dingen van het land geleerd?” Dat viel eigenlijk wel mee, het is meer dat ik van vorige reizen dingen heb geleerd. Je komt steeds weer in andere culturen.  Bij TIME leer je landen wel op een andere manier kennen dan als toerist. Je leert meer de persoon erachter kennen, doordat je gaat praten met bedrijven en universiteiten. Hierdoor hoor je met welke problemen ze te maken hebben, dus veel meer de praktijk van zo’n land. Dat vind ik heel erg interessant en leuk! Dubai bestaat nog niet zo heel erg lang, dus er zit veel minder cultuur in het land.  Je ziet veel minder van de gevolgen van een geschiedenis. Het is eigenlijk een heel Westers stukje, wat ook helemaal gericht is op het Westerse.  Ik heb wat dat betreft niet heel veel Arabische dingen gezien. Het drinken van alcohol mocht er bijvoorbeeld, omdat er zoveel Westerlingen wonen die dat normaal vinden.  Wel zag je mensen in gewaden lopen en dan vroegen wij ons wel eens af wat ze eronder aan hadden. Maar persoonlijk heb ik meer geleerd van de TIME reizen naar India en Zuid-Afrika.

U reist dus veel?
Ja, ik ga regelmatig mee op studiereizen. Dat doe ik voornamelijk om dichter bij de studenten te komen. Ik heb zelf in Maastricht gestudeerd en daar was het onderwijs in groepjes, waardoor je veel meer direct contact had met je docent dan hier op de universiteit. Maar de student is wel de doelgroep waar ik mee moet werken en waarnaar ik informatie over moet brengen.  Dus dan is het heel erg leuk om de doelgroep persoonlijk te leren kennen. Zodat zij ook een lagere drempel ervaren om naar je toe te komen. Een student die je kent van een studiereis zal na een college sneller naar je toe komen voor een praatje. Op die manier kan ik gemakkelijker vragen wat die persoon van het college vond en of er iets niet duidelijk was. Die student durft dan ook ‘kritiek’ te geven, omdat hij/zij weet dat ik ‘oké’ ben. Je krijgt gewoon veel meer informatie van de studenten over je functioneren en daar kun je weer iets mee doen. En daarnaast vind ik het gewoon leuk om met mensen op te trekken. Zowel met studenten als met ouderen. En natuurlijk vind ik het ook leuk om meer van de wereld te zien.
Maar het belangrijkste is toch wel de omgang met de studenten. Je komt erachter wat er onder de doelgroep leeft en je kunt studenten helpen.

Dubai heeft een kortere historie. Vindt u dat een voor- of nadeel voor het land?
Natuurlijk bestaat het wel al lang. Maar de manier waarop het nu is vormgegeven, is echt iets van de laatste decennia. Voor zakelijk maakt dat niet uit, alleen voor bezoekers maakt het wel uit. Er is namelijk veel minder te zien. Het zijn allemaal nieuwe gebouwen. Als je, zoals ik, houdt van historie is er weinig te zien. Voor de mensen daar is het geen nadeel, want de meeste mensen wonen er maar voor een paar jaar. Daar is niet ingericht om er je hele leven te wonen. Die mensen zijn er natuurlijk ook, maar de meesten zijn er alleen even om geld te verdienen. Het is ook niet echt gezellig, er zit geen sfeer. Alles gebeurd binnen grote shopping malls. Je kunt er wel alles, ook skiën. Maar er mist een bepaalde gezelligheid.
Wat trouwens wel heel erg gaaf was… we hebben zo’n race gedaan in de woestijn, zo’n rally. Ook hebben we overnacht in de woestijn, dat was werkelijk prachtig!
Dubai was leuk om een keer gezien te hebben, maar meer niet. Voor de studenten was het wel erg interessant. Er zijn daar zoveel verschillende bevolkingsgroepen en hoe dat dan weer samenhangt met project waarmee de studenten bezig zijn. Hoe de bevolkingsgroepen op de macht inspelen bijvoorbeeld. De locals hebben daar alle macht en het geld, dus iedereen moet met hen zaken doen. Dat zijn wel erg interessante dingen!

Gaat u ook mee naar de volgende studiereis: Istanbul?
Uhmm… daar ben ik nog niet helemaal uit. De reis is dit jaar tijdens Koninginnedag en daar heb ik al plannen voor. Het zou wel uniek zijn als ik niet meega, want ik ga eigenlijk altijd wel mee.

Even tussendoor.. er staat achter u een grote, kartonnen, Pardoes van de Efteling. Bent u daar fan van?
Haha, nee die stond er al toen ik hier kwam. Die is van Peter Kempe, mijn collega. Die heeft hij een keer gebruikt voor een college ofzo en sinds dien staat hij hier. In het begin gebruikte ik hem wel eens voor het raam om de zon tegen te houden.

Wat wilde u vroeger worden?
Dat is een mooie vraag… eigenlijk heb ik me daar nooit mee bezig gehouden.  Maar op de kleuterschool vroeg de juf dat en toen had ik aan mijn moeder gevraagd wat ik moest antwoorden. En die zei: zeg maar huisvrouw. En dus heb ik altijd huisvrouw gezegd. De juf vond dat wel grappig! Alleen weet ik één ding zeker: uit mijn klas ben ik de enige die geen huisvrouw geworden is.  
Pas op de middelbare school ben ik er echt over na gaan denken. Toen wilde ik eerst naar het Hoger Labatorium Onderwijs, want ik vond microscopen leuk. Alleen kwam ik er in vwo 4/5 achter dat ik niet goed was in natuurkunde en scheikunde. Geschiedenis vond ik ook leuk, dus heb ik nog even gedacht aan archeologie.  Heeft ook weer met onderzoek te maken, ik zie nu eigenlijk pas de rode lijn. Maar in dat vakgebied zag ik niet veel toekomst, het is nogal specifiek.  Daarna heb ik getwijfeld tussen psychologie en sociologie, omdat ik dat gewoon interessant vind.  Toen heb ik gelukkig gekozen voor psychologie! Ik ben namelijk heel erg op het individu en processen gericht. En daar heb ik tot op de dag van vandaag nog geen spijt van.

Vertel eens over de weg van uw studie naar marketing…
Na mijn studie Cognitieve psychologie in Maastricht ben ik promovendus geworden. Dan doe je vier jaar, in loondienst, onderzoek op de universiteit. Uiteindelijk promoveer je. Mijn onderzoek ging over onze kijk op innovatieve voeding. Daarbij kijk je veel naar consumentengedrag, iets wat ook veel gedaan wordt bij marketing.
“Wat voorziet u in de toekomst op het gebied van voeding?”  Dat is een lastige! In eerste instantie denk ik aan regelgeving, die wordt nog strenger.  Hierdoor zullen bedrijven steeds meer de psychologie gaan gebruiken om wettelijk aan de claims te blijven voldoen. Dus je mag niet zomaar meer iets op een verpakking zetten. Het is de kunst voor bedrijven om erachter te komen hoe ze met onbewuste processen toch een effect kan bewerkstelligen.  Denk aan kleur, afbeeldingen, associaties etc.

Hoe was uw studententijd?
Ik wilde heel erg graag op kamers, dus daarom had ik voor Maastricht gekozen. Tilburg was te dichtbij. Daarnaast gingen er nog wat klasgenootjes van mij naar Maastricht, dus dat trok me wel!
Mijn studententijd was eigenlijk vrij voorbeeldig. Veel studeren, naar ieder college gaan.  Op een donderdagavond ging ik ook regelmatig op stap, maar niet elke week. Ik woonde ook in een studentenhuis waar niemand lid was van een studentenvereniging. Ik heb zelf ook nooit bij een studentenvereniging gezeten, omdat elke vereniging riep dat ze leuk waren en ik had zoiets van: ik bepaal zelf wat ik leuk vind. Elk weekend gingen mijn huisgenootjes naar huis en dat deed ik zelf ook, omdat ik veel waarde hecht aan mijn sociaal leven en dat was voornamelijk in Brabant. Daar had ik bovendien mijn bijbaantje en als ik een relatie had kwam die ook altijd daar vandaan. Door de weeks was het eigenlijk alleen maar leren, leren, leren. “Hoe kijkt u daar op terug?”  Aangezien ik nog vier jaar Promovendus ben geweest, was ik nog half student. En met de studiereizen waar ik nu aan deelneem, maak ik het misschien ook wel weer goed. In dat opzicht heb ik mijn part wel gehad!  Als ik niet was gaan promoveren dan had ik daar nu waarschijnlijk anders over gedacht. Maar ik had gewoon toen andere prioriteiten.

Heeft u nog andere bezigheden op de Universiteit naast het lesgeven?
Ik zit in de stichting TIME om dus alles te begeleiden. Daar gaat ook wat vrije tijd in, maar dat vind ik leuk! Ook ben ik een aantal jaren BHV’er en EHBO’er geweest op onze universiteit.

Beoefent u een sport en wat zijn uw hobby’s?
Ik zou meer moeten gaan sporten dan ik eigenlijk doe, in ieder geval voor mijn conditie.  Momenteel sport ik niet. Wel zijn zit ik in stichting JAM, dat is een popmuziekcentrum in Eersel. Sinds een jaar hebben we een bestuur om de fiscaaljuridische problemen van het vorige bestuur op te lossen. En dan zit ik ook nog in een andere stichting, dat is het WBF. Dat is een stichting die zich bezig houdt met natuurbehoud, bewustzijn en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Daar ben ik best actief mee bezig. Ik ben dus regelmatig aan het vergaderen en daarnaast zit ik veel in de kroeg! De kroeg is voor mij gewoon een verlengde huiskamer. Het is gewoon een lokaal kroegje en we hebben op dinsdag bijvoorbeeld altijd de ‘dinsdagborrel’.  Mijn vrienden komen dan na het werk daarheen en dan is het maar net wie kan, gewoon even een paar drankjes doen. Dat is erg leuk en gezellig! In de weekenden gaan we echt op stap. “U bent dus iemand die graag onder de mensen is?” Ja, ik ben echt wel een sociaal beestje. Zolang ik een beetje kan ouwehoeren vind ik het wel prima. Ik ben echt wel iemand die graag onder de mensen is en de gezelligheid opzoekt. Ik kan ook prima thuiszitten, maar als er bijvoorbeeld ’s avonds om 22:00 uur niets op tv is dan hobbel ik naar het kroegje. Even een Cola Light drinken en bijkletsen. Vervolgens om 23:30 uur weer naar huis en om 0:00 uur weer braaf in mijn bedje. Maar ik heb ook een jaar boven dat kroegje gewoond en toen was het erg verleidelijk om ff naar beneden te gaan!
Verder heb ik niet echt hobby’s, ik heb wel een verzameling. Dat is eigenlijk nooit echt de bedoeling geweest om dat te verzamelen, maar het is toch gebeurd. Ik kan nu toch wel zeggen dat ik een arsenaaltje heb van BBC boekverfilmingen. Van die klassiek Engelse verhalen. Daar heb ik toch heel wat dozen van vol.

Wat is uw grootste blunder?
Ik denk niet dat het mijn grootste blunder is, maar het is er wel eentje die ik nog heel goed weet. Ik was 17, zat in vwo 5 en ging pinnen bij de Rabobank. En op een gegeven moment was mijn pasje ingeslikt.  Ik denk: hoe kan dat nu? Dus ik naar binnen en ik zeg tegen die dame achter de balie: “mijn pasje is ingeslikt, wat moet ik nou doen?” Zegt die mevrouw: “ja mevrouw, dan zult wel drie keer de verkeerde pincode ingetoetst hebben”.  En nu komt het dus, normaal ben ik totaal niet zo, maar ik zei: “Ja hallo, ik zit op 5 vwo… ik kan heus wel vier cijfertjes onthouden hoor!”. Maar die mevrouw kon natuurlijk in het systeem zien dat ik wel drie keer de verkeerde pincode had ingevoerd. Dusja daar stond ik dan met mijn grote mond, had ik dat nou maarr niet gezegd!
Verder is het wel leuk hoe je jezelf kunt verspreken op het werk. Zo heb je bijvoorbeeld Petty en Cacioppo, daar had ik tijdens mijn college Petty en Carpaccio van gemaakt. Dat vond ik zelf wel heel erg grappig. Maar voor de rest heb ik meestal wel controle.

Volgende week gaat het interview verder in deel 2….

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.