Persoonsgegevens op de virtuele straat

Afgelopen jaar werd het nieuws overspoeld met cyberaanvallen. In de grote koppen werden vooral de banken genoemd, maar ook organisaties als de NS, Thomas Cook en de KLM werden aangevallen. De aanvallen zijn veelal gericht op het achterhalen van bank- thumprinten creditcardnummers. Maar ook de bijbehorende persoonsgegevens worden steeds vaker gestolen. Is het voorspelde einde van de privacy werkelijkheid aan het worden? Of is dit inmiddels de nieuwe werkelijkheid?

Trendwatcher Adjiedj Bakas voorspelde het einde van de privacy al enige tijd geleden in zijn boek. Volgens hem is het hoogtepunt van digitalisering bereikt en krijgen we een zekere ‘ontdigitalisering’. Hierbij komt het papier weer terug, en worden mensen vooral selectiever in het benutten van de digitalisering. Er wordt steeds vaker overwogen wat er wel en niet op het internet en met organisaties wordt gedeeld en bepaalde zaken worden graag weer op papier gezet.

Nog altijd zijn steeds meer organisaties aan het digitaliseren. Alles moet digitaal verlopen, omdat het gemakkelijker te verwerken is. Ook al wordt er veel gedaan aan beveiliging, het mag duidelijk zijn dat het systeem nooit helemaal waterdicht zal worden voor hackers. Ook de overheid gaat mee in de digitalisering en slaat steeds meer gegevens op, waaronder ook camerabeelden. Het is niet vreemd, gezien er in een tijd geleefd wordt waarin de mensen er zelf ook voor kiezen persoonlijke informatie te delen op het internet.

Toch is het tegelijkertijd ook dubbel. Psychologisch gezien heeft de mens altijd al de behoefte gehad aan privacy. Deze behoefte is nog steeds aanwezig. Het is dan ook de vraag in hoeverre de digitalisering en de dalende mate van privacy door blijft gaan. De eerste stappen worden online al gezet op het gebied van het volgen van consumenten via cookies. De overheid heeft hier een rol in gespeeld door websites verplicht te stellen toestemming te vragen voor het gebruik van cookies. Ook komen er nieuwe initiatieven zoals Privly, waarbij het de bedoeling is dat de consument zelf kan gaan bepalen of organisaties de weg door het web mogen volgen of niet.

De cyberaanvallen kunnen wellicht de druppel zijn die de emmer doet overlopen om bewust na te gaan denken wat wel en niet gedeeld wordt en met wie. Echter laten organisaties steeds minder de keuze over aan de consument. Vaak is het verplicht om bijna alle persoonsgegevens aan te leveren, terwijl dat niet altijd nodig is. Ook wordt er vaak niet de keuze gegeven tussen digitaal of papier en is het niet duidelijk welke gegevens er verstrekt worden. En wat betreft cookies valt er weinig te kiezen. Cookies niet accepteren is vaak geen gebruik kunnen maken van de dienst.

Als mensen steeds bewuster worden, is het van belang dat er wat veranderd. Het is voor organisaties naar mijn mening van belang dat Privlyer ook iets verder wordt gekeken dan alleen naar het ‘efficiëntere’ plaatje. Het wordt weer van belang dat de consument een keuze heeft. Een keuze welke informatie gedeeld wordt en op welke manier om eventuele lekken te voorkomen, al is het helemaal voorkomen onmogelijk. Een keuze om geen cookies te accepteren en toch gebruik te kunnen maken van de dienst. Uiteindelijk wekt de keuzemogelijkheid vertrouwen, en waar vertrouwen is wordt gedeeld.

Lees hier meer over de cookie wetgeving en de impact van privacy op online advertising.

Dit artikel is geschreven door Rowan min en mogelijk gemaakt door www.informaatie.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.